John Christiaans overleden

Zondagavond 29 oktober rond 23:30 uur is, toch nog onverwacht en in het bijzijn van zijn kinderen en kleinkinderen, John Christiaans vredig ingeslapen.

Wij verliezen in John een toegewijde (schoon)vader, grootvader en ‘Duif’ van het eerste uur. Hij behoorde tot de groep krakers van 1974 en zette zich enthousiast in voor het behoud van het gebouw.

Een Ode aan de mensen van de zorg

In deze dagen waarin de nieuwe regering zichzelf presenteert met haar plannen, rollen de miljarden over de tafel. Een ongemerkte gift van 2,1 miljard euro voor de zorg door de Tweede Kamer was al binnen, maar nu komt er nog meer. Hoeveel meer kunnen wij als ‘normale’ mensen bijna niet bevatten, want het gegoochel met cijfers is niet van de lucht.
Maar één ding weet ik wel, er moet geld bij en gauw ook.

Afhankelijk van alles en iedereen
Als dominee kom ik veel bij zieke en oudere mensen, mensen die afhankelijk zijn van alles en iedereen en ik zie hoe de mensen van de zorg hun uiterste best doen om hen te helpen.
Iedereen is gericht op de mensen en hun welzijn of ik nu in het Noorderlandhuis, het Nicolaas, Lindendael of in het ziekenhuis kom. Of ik nu mensen van de Thuiszorg, Buurtzorg of wijkverpleging zie en spreek, het belang van de cliënt/patiënt staat voorop. En ik heb gezien hoe ze soms moeten roeien met te korte riemen, met te weinig personeel, met gebrekkig middelen. Ik heb gezien hoe vrijwilligers steeds meer moeten doen om de mensen hun vertier en afleiding te geven. En hoe belangrijk het is er dat er vrijwilligers zijn die waken en zorgen voor terminale patiënten thuis.

Schaamte om wat niet meer kan
Ik zie hoe de mensen uit de zorg voor en achter de schermen ( want denk ook aan de keuken, de wasserij en linnenkamer) zich soms schamen over wat er niet meer kan. Over de strenge regels – op kantoor bedacht- zoals de kamer ontruimen binnen een week na overlijden. Soms is iemand nog niet eens begraven en dan moet er al met de geliefde spulletjes worden gesleept. En dan staat de kamer nog een heel weekend leeg, waarin toch niks gebeurt.

Buurtzorg
Er zijn natuurlijk al stemmen en organisaties die het anders doen en anders zouden willen, veel meer zeggenschap van de mensen die het werk doen, de professionals voor de menselijke maat van de dingen.
Met plezier en bewondering kijk ik naar Jos de Blok en de enthousiaste en kundige mensen van Buurtzorg. Want als voormalig manager in grote organisaties heb ik zelf op een gegeven moment ook ingezien dat je als manager de mensen die het werk doen, moet faciliteren zodat zij hun werk goed kunnen doen. En als dat besef door begint te dringen, zullen mensen in de zorg ook weer meer plezier in hun werk krijgen. Want wat heb ik een groot respect voor hen die alle werkdagen en vaak meer wijden aan de liefde in natura. Zij verdienen meer en beter van ons en onze samenleving én ze verdienen het grootste respect.

Ds.Marina
marinaslot@kpnmail.nl

Met hart, ziel en verstand

Met hart ziel en verstand

Hashtag #metoo ging als een razende rond op twitter en facebook afgelopen 2 weken. Er was een enorme reactie naar aanleiding van het wangedrag van Hollywoodproducent Harvey Weinstein.

Machtsmisbruik is blijkbaar niet van vroeger. Het zit diep in ons systeem verankerd.

Als je je wil ‘kan’ opleggen aan de ander, dan is de verleiding blijkbaar groot om die te gebruiken. In alle volken, in alle tijden. Maar macht is het tegenovergestelde van liefde. Dat is de overtuiging van Dietrich Bonhoeffer, de Duitse predikant en verzetsheld, zo schrijft schrijft in een gedicht in ‘Verzet en overgave’. Zowel geloof als liefde heeft vrijheid nodig, allebei kan je ze niet opleggen.
Want zowel geloof als liefde kan alleen groeien en zich verdiepen in vrijheid en vertrouwen.
Uiteindelijk blijft zowel geloof als liefde een geheim.
Liefde en geloof laten zich niet dwingen. En toch gebiedt God liefde- zoals we net in de lezing hebben gelezen. Heb de Eeuwige, uw God, lief met heel uw hart, en geheel uw ziel en al uw krachten.  Heb God lief met je hele hebben en houden. Hoe zit dat nou? Kan God dat  opleggen? En hoe ontspruit dat geloof dan? Is er een vonk die geloof en liefde in ons ontsteekt?

Liefdesgebod van Mozes
Het was Mozes die kwam met dit gebod. Na de 10 leefregels gegeven te hebben aan het volk in ballingschap, zei die; Heb God lief met je hart, ziel en je verstand. In het Hebreeuws staat er een woord ‘verstand’ dat ook vertaald kan worden met vermogen; je ‘geestelijk, lichamelijk en financieel. Met je hele hebben en houwen dus.
Dat lijkt dus een tegenstelling. Mijn gebod is; Heb me lief. In de liturgievergadering hebben we dit besproken. Dit naar aanleiding van Bart Jan die stelt dat God en Liefde voor elkaar vervangen kunnen worden. Heb de Liefde lief. Met huid en haar. Met alles wat je in je hebt.

God in ons van Jeremia
Na Mozes kwam Jeremia toch met een vervolg gebod. Een nieuw verbond. De belofte van het volk was verbroken. Het was ze niet gelukt. Jeremia profeteert; Luister volk van God. De Eeuwige heeft zijn wet in je hart gelegd.
Je kan God in je binnenste vinden. God heeft zijn wet, zijn gebod, in ons hart gegrift. Het Goddelijk mysterie is in ons. Blijkbaar moet je voor Gods wet naar binnen keren en ruimte geven.
God spreekt in ons binnenste, dat is een gewaarwordingsproces. Je moet je bewust zijn dat God van binnenuit werkt. De profeet  Jeremia zegt. Als je je binnenste laat spreken dan spreekt het Goddelijk mysterie zelf. Best een revolutionaire tekst. Jeremia geeft nieuwe betekenis aan het liefdesgebod van Mozes.

Heb lief van Jezus
En Jezus… die borduurt eigenlijk verder op Mozes en Jeremia. De liefdesgebod moet je zien dat het gebod van liefde in ons harten gegrift is. Heb de Eeuwige, uw God, lief met heel uw hart, ziel en verstand. ‘Houd net zoveel van uw medemens als van uzelf.’ Deze twee geboden zijn de basis van de hele wet en de profeten.”
In de liefde naar God moeten we God ook de vrijheid en ruimte geven. We kunnen mogen hem niet opsluiten en onze wil opleggen. Om te geloven met hart, ziel en verstand moeten we vooral liefdevolle mensen zijn.

Je wil niet opleggen
God is niet te vinden in macht en dwang. Niet in regels en dogma’s. Geloof en liefde is niet te vinden in macht en dwang. Je kan het niet opleggen. Als je in vrijheid de Liefde ruimte biedt, dan kan het groeien en verdiepen.
Ik denk aan Jezus’ gebed in de avond voor zijn lijden, hij bidt; ‘’niet mijn wil, maar uw wil geschiedde’’. Zelfs Jezus legde zijn wil niet op. Er was innerlijke ruimte om met hart, ziel en verstand te kunnen lief te hebben en geloven.

In liefde zijn in de Duif
Wat betekent dit liefdesgebod voor ons? Weg met macht, welkom aan liefde. Hashtag; #God spreekt in ons geweten. Er ligt een godsontmoeting in deze bewustwording en levensgevoel.
Mag ieder dan zijn eigen geloof hebben en eigen waarden koesteren? Als het zo individueel wordt, dan kunnen we nooit universele rechten van de mens bepalen. Kunnen we nooit opstaan tegen onrecht en nooit meewerken aan een wereld waar brood, recht en liefde is voor ieder mens. Regels hebben we nodig.
God spreekt en wordt door iedereen anders begrepen. Met dit verschil dat we kunnen zien wat liefde is- en wat niet. Haat is niet het tegenovergestelde van liefde, het is macht wat het tegenovergestelde is van liefde. Zodra iemand zijn mening oplegt aan de ander. Zodra er sprake is van machtsmisbruik, dan moeten we ons afvragen; is dit God die spreekt? Liefde en geloof laat zich niet dwingen.
Spreek jezelf uit, zorg voor elkaar en jezelf. Maar we moeten dus met alles wat we in ons hebben, de macht over de ander voorkomen. Met ons hart, ziel en verstand. Zoals Bonhoeffer schreef; Zowel geloof als liefde heeft vrijheid nodig, allebei kan je niet opleggen. Dat wens ik ons dus met hart, ziel en verstand. Dat wij als geloofsgemeenschap elkaar onze wil niet zullen opleggen en de liefde ruimte geven.

Hastag #letloverule

Moge het zo zijn.

– – – – – – –
Vieringteksten, context rond deze overweging (PDF)

Alle Overwegingen in 2017

AT5 – De Duif in ‘Straten van Amsterdam’

De Duif, plusminus 1800Sinds vrijdag 20 oktober, 16:00 uur, is op AT5 een item te zien over de rijke geschiedenis van De Duif.
Uit de aankondiging op Uitzending gemist: Op de Prinsengracht staat een kerk die er bijna niet meer had gestaan.

Zaphira van Stadsherstel vertelt over de oude en nieuwe bestemming van de kerk. Fred Vos is sinds 1976 lid van basisgemeente de Duif, de groep die de kerk kraakte en Abdou heeft er nog in hongerstaking gezeten.

Vrijwilligers
Basisgemeente De Duif is een vrijwilligersgemeente in Amsterdam, ontstaan toen in 1973 bisschop Zwartkruis de kerk wilde sluiten en voor sloop verkopen. Het parochiebestuur besloot dit niet te accepteren. Toen op de eerste zondag van 1974 de sluiting een feit was geworden, werd diezelfde dag de kerk gekraakt en zette de parochie de eredienst voort. Deze daad vormde niet zozeer de start van een basisgemeente maar was eerder een daad van ongehoorzaamheid aan de bisschop, geboren uit verontwaardiging.
De parochianen van De Duif vormden nog geen hechte groep, laat staan dat ze een vooruitstrevende gemeente zouden zijn. De kerkleden wilden dat alles op de oude voet verder zou gaan. Met name het toenmalige koor zette zich sterk in. Toen een priester zich bereid verklaarde in de actie mee te gaan, verwachtte men ook niet anders dan dat alles bij het oude zou blijven.

Spontaan oecumenisch
Ton Wiemers, toen nog priester, meldde zich bij de Duifgroep om voorganger te zijn, en samen met Harris Brautigam zetten zij samen de jarenlange vernieuwing in gang.
Het kerkasiel voor 182 Marokkanen in 1978 blies het begrip ‘kerkasiel’ in Nederland weer nieuw leven in, en markeerde ook een omkeer in De Duif. Tijdens dit asiel werden er spontaan oecumenische diensten gehouden. Vlak daarna stapte Wiemers demonstratief op als vaste voorganger, om pas weer terug te keren toen een aantal mannen en vrouwen het voorgangerschap op zich genomen hadden. Het proces dat daarmee op gang was gekomen bleek onomkeerbaar.

Verder lezen:
De Duif toen en nu
Hoe roze is De Duif?

Vorm en inhoud

Vorm en inhoudVorm en inhoud gaat over regels en de ruimte die er is hoe daar mee om te gaan. Eberhard was een burgervader die zelf inhoud gaf en paste voor een deel de regels toe op zijn eigen manier. 

In een grijs verleden wisten we ook precies hoe om te gaan met de vrije zondag. Dat ging, zoals dat nu genoemd wordt, volgens de Joods-Christelijke tradities.
In de beroemde of beruchte 60-er en 70-er jaren van de vorige eeuw werden tussen de christelijke gereformeerde en hervormde leiders met de gelovigen heftige discussies gevoerd of je nu wel mocht fietsen, spelen of televisie kijken. Kortom of een ander wel door jouw doen aan het werk gezet mocht worden op de vrije zondag. De vorm en de regels werden belangrijker dan de inhoud.
Zelf had ik een liberale moeder die geloofde in de vrijheid en de eigen verantwoordelijkheid voor de invulling van je eigen geloof en intenties. Het heeft mij gevormd tot iemand met een gevoel voor vrijheid en ruimte voor zich zelf en een gevoel van ruimte en vrijheid geven aan een ander. Door de vorm heen kijken en weten of de intentie zuiver was. De inhoud als kern.

Omslag orde van dienst. Thema Vorm en inhoud

De tekstlezingen gaan over de regels van de sabbat en het zich niet houden aan de regels door de leerlingen. Ze doen niets verkeerds. En over Gods nieuwe afspraak en de toepassing en verandering van regels in de loop van de tijd.

De Bijbel met Pasen
De invulling van de sabbat leidt tot kritiek op Jezus in de lezing uit Matheus Als blijkt dat hij coulance heeft bij de toepassing van de regels op basis van rechtvaardigheid en begrip.
Wat daaruit ontstaat leidt tot verharding van standpunten. Ook tussen Jezus en de farizeeën. Ze blijven op hun eigen strepen staan. En dat leidt nooit naar een positieve oplossing zoals we ook lezen in de Bijbel met Pasen.
In Nederland heeft die discussie over vorm en regels in de kerk, ook over de zondag niet tot iets positiefs geleid. Onder andere door verstarring van twee kanten is er een leegloop ontstaan. Hierbij is bij de wegblijvers een idee over de gelovigen oude stijl blijven hangen. En daarmee ook over de gemeenschap in de oude stijl. De buitenkerkelijken weten ons te vertellen wat de kerk van nu precies is en hoe het zit met God, de zonde en de hemel en de hel.
Dus hoe wij heden ten dage de kerk vorm geven is blijkbaar niet meer of onvoldoende bekend. Wij vinden overigens dat de inhoud van het geloof en de viering al niet meer lijkt op die van vroeger. Dat vinden wij!
De keren dat het mij lukt om iemand die tijden niet meer in de kerk is geweest mee te nemen, krijg ik tot mijn teleurstelling de reactie dat viering toch nog behoorlijk op de kerk van vroeger lijkt.
Blijkbaar zitten die indrukken zo diep dat ze niet door hun idee over de vorm heen kunnen kijken. Ze wisten hopelijk wel van Gods nieuwe afspraak uit de Hebreeën. Maar niet dat ook afspraken met de tijd meegaan.

Leerhuis
Tijdens de vier boeiende, interessante en eigentijdse avonden in het leerhuis over Augustinus met Bart-Jan van Gaart leerden we onder andere over de apofatische methode. Hierbij probeer je door te omschrijven wat het niet is (zoals liefde) dichter bij de betekenis te komen dan te omschrijven wat liefde wel is. Wij luisterden naar het liefdeslied van de Poema’s “Zij maakt het verschil” waarin gezongen wordt wat de geliefde vooral niet is. En daardoor duidelijker wordt wat zij wel betekent voor hem.
In het lied Wat ik helemaal niet ben van Stef Boss waar we naar geluisterd hebben wordt voor een deel dezelfde vorm gehanteerd.

Wat ik helemaal niet ben

Ik ben de liefde, wordt gezegd.
Gewapend tot de tanden.
De pispaal voor de een,
De richtlijn voor de ander.
Ik voel me eenzaam en onzichtbaar.
Al ben ik ook bekend.
Er is teveel van mij gemaakt
Wat ik helemaal niet ben

Toch, naar buiten uit zullen we met elkaar een vorm moeten vinden om duidelijk te maken wat God, de onnoembare, de eeuwige, wèl voor ons is. Wat dat voor ons inhoudt. En dat het vooral leidt tot het zijn van een gemeenschap die door een geest van verbondenheid en oprechte betrokkenheid in de viering diepgang in je leven brengt. Vorm en inhoud.
Voor iedereen jong en oud, ongeacht je achtergrond en wie of wat je ook bent. Een open en gastvrije geloofsgemeenschap zoals hier in de Duif.

Fundering
Van de Duif naar de druif lijkt een rare overstap maar ik kom zo weer bij de Duif terug.
Voordat een druif geoogst kan worden is er inzet en uitvoerend werk nodig en vervolgens ook toewijding om tot een mooie wijn te komen. Die kan weer in een vorm gegoten worden waar ook een ziel in zit. De bodem van de fles. De fundering.

Zo gaat het ook in de Duif. Er is gezamenlijke inzet nodig om wekelijks een viering te kunnen houden. En zo doende oprecht contact met elkaar te kunnen houden en te onderhouden.
We hebben gelukkig steeds weer een kleine groep die dat kan opbrengen. Maar we verwelkomen graag de mensen die binnen hun mogelijkheden op zondag mee willen helpen de viering mogelijk te maken. Gegoten in een vorm waar ook een ziel in zit. De viering met velen als fundering.

Bemiddelaar
Bezieling tussen vorm en inhoud. De ziel als bemiddelaar tussen vorm en inhoud.
Zoals gemeld in het welkom van vandaag en zoals verkondigd in de tijd van Jezus. Iedereen is welkom. Wie of wat je ook bent. Met geloof in onze gemeenschap en inzetbaarheid daarvoor. Bezieling en gemeenschap zijn.
In vorm EN in inhoud.
Moge dat ook zo zijn en blijven in de Duif.
Laten we dat blijven uitdragen.

– – – – – – –
Vieringteksten, context rond deze overweging (PDF)

Alle Overwegingen in 2017

De Hoge leraar

Ze was iets ouder dan haar eigen dochter nu, toen wij elkaar leerden kennen. Ik kreeg verkering met haar moeder en mocht meezorgen en meemoederen over twee jonge kinderen. Net van de universiteit af belandde ik in een gezin en dat was wennen. Want ik  was zelf redelijk opgevoed door ouders en oudere broer en zusters, maar om het zelf te doen, dat was nog een hele toer.
En nu staat ze daar: ze wordt geïnaugureerd als bijzonder hoogleraar, ze mag haar oratie houden om de stap te zetten naar het professoraat. Wat een bijzondere stap en wat zijn we allemaal trots op haar, haar moeder en vader, haar broer en ik ook.

De kunst van het lesgeven
Ze is helder, erudiet, kritisch, humoristisch en ze neemt ons allemaal mee in een ingewikkeld, wetenschappelijk verhaal. En  je hebt toch het idee dat je het snapt, dát is de kunst van het lesgeven die ze goed verstaat. Ik zie de spanning op haar gezicht als ze binnenkomt in de rij van hoogleraren in toga. Er zijn meer vrouwen bij dan in de tijd dat ik studeerde, maar nog niet zoveel als gewenst. Het zijn toch veel oudere grijze mannen. En dan ons meidje dat het gaat doen, die het gaat maken.

Als alles achter de rug is en haar dochter van 5 1/2 van de opvang komt en zich bij ons aansluit, wordt het vrolijk. Want wat kan je je goed verstoppen onder zo’n toga. Dat is het leukste spel van de dag. Zij is er aan gewend dat haar moeder ‘hoge leraar’ is en dat ze lesgeeft aan ‘grote kinderen’. Niet onder de indruk, vrij en speels racet ze door de gangen van de universiteit met haar vriendinnetje.

Identiteit
Wat zal er van haar worden, gaat ze hier ook in de toekomst komen met laptop en andere hulpmiddelen van deze tijd? Ze krijgt wel het goede voorbeeld, dat het heel gewoon is. En wat ook heel gewoon is, is dat alle kleuren, afkomsten en nationaliteiten daar rondwandelen. Hoezo Nederlanders en hun identiteit.

Daar  tussen al die jonge mensen is het heel gewoon dat je verschillend bent.

Ds.Marina
marinaslot@kpnmail.nl

Door Liefde geleid?

Door Liefde gevormd?De tekst uit het leesrooster voor zondag 15 oktober is onder andere Psalm 23: De heer is mijn herder. Naar aanleiding van de viering van Bart-Jan van Gaart op 10 september verving Jonne Meij de woorden ‘God’ en ‘de Heer’ door het woord ‘Liefde’.
In haar overweging kijkt Jonne naar wat dat zegt en stelt vragen als: “Wanneer je je door de liefde laat leiden, hoe doe je dat dan, wat kies je en hoe herken je een ‘verkeerde’ keuze?” en: “Leiden we door middel van onze keuzes volledig onszelf? of worden we ook geleid?”

Door Liefde geleid?

Naar aanleiding van de viering van Bart-Jan van Gaart op 10 september verving Jonne Meij de ‘woorden ‘God’ en ‘de Heer’ door het woord ‘Liefde’.

Een maand geleden, op 10 september was ik hier, in De Duif bij de viering van Jan Meijer en Bart-Jan van de Gaart, met het thema: ’Zonder liefde ben je nergens’ .
Een mooie en inspirerende viering waarin woorden van Johannes én Augustinus werden aangehaald. De belangrijkste woorden van Johannes waren: “Vrienden, laten wij elkander liefhebben, want de
liefde komt van God. Iedereen die liefheeft is een kind van God, en kent God. De mens zonder liefde kent God niet, want God is liefde.”
Vervolgens gingen we via de woorden van Augustinus een stap verder. Want, zo redeneerde die, als God liefde is, dan is het tegenovergestelde ook waar: dan is liefde God.
Augustinus stelde God daarmee gelijk aan de liefde.

Dat kan niet waar zijn
Mijn eerste reactie was: Dat kan niet waar zijn. Als God en liefde aan elkaar gelijk zijn, en daarmee inwisselbaar dan hoeven wij het niet meer over God te hebben. Dan praten wij in het vervolg gewoon met elkaar over de liefde.
Maar in diezelfde viering zat ook het uitdagende voorstel om eens een willekeurige bijbeltekst te nemen en het woord ‘God’ te vervangen door het woord ‘liefde’. Dat experiment ben ik in deze viering aangegaan. In Psalm 23, Jesaja 25 en de brief aan de Fillipenzen zijn de woorden God en Heer vervangen door het woord Liefde. Dat maakt deze viering tot een viering over de liefde en over hoe zij elk leven leidt.
Van de rijkdom die je van haar kunt ontvangen en over de armoede van hen die haar niet kennen. In alle teksten van vandaag, ook in de liederen, wordt de liefde in al haar verschijningsvormen,
bejubeld en geprezen. Van haar universele, allesomvattende grootsheid tot haar meer bescheiden menselijke voorkomen.

In psalm 23 wordt de liefde mijn herder. Een leider, beschermer, een leidraad die weet wat goed voor mij is en mij het allerbeste wil geven. Geloof en ervaar ik haar dan helpt ze mij om te leven, vrij en zonder angst.

De Liefde is mijn herder,
Zij laat mij rusten in groene weiden
en voert mij naar vredig water,
Zij geeft mij nieuwe kracht
en leidt mij langs veilige paden
tot eer van haar naam.

Op de liturgieavond ter voorbereiding op deze viering kon iedereen zich goed vinden in deze nieuwe versie. We ervaren de liefde als leidend. En Ja, de liefde voedt en ontspant en geeft vrede en nieuwe kracht… Had je alles maar de liefde niet, je had niets…
De liefde is voelbaar en onze intuïtie verteld ons waar ze is te vinden en waar niet. Waar zij aanwezig is en waar niet.. We kiezen onze vrienden en onze plaatsen op gevoel. We stemmen ons handelen af op onze naastenliefde. Het lijkt zo eenvoudig en vanzelfsprekend.
Maar er rijst ook de vraag ‘Hoe duiden we het vijandsbeeld in deze teksten?

Tegenpool
In alle drie teksten vinden we een tegenpool van de gelovigen: in psalm 23 worden zij aangeduid als ‘de vijand’. in Jesaja’s danklied zijn zij ‘De barbaren’, het ‘gewelddadige volk’ en ‘de velen’ in de Fillipenzen brief: die leven als vijand van Christus, de vleesgeworden zoon van de Liefde. Wiens God hun buik is, en die slechts gericht zijn op aardse zaken.
Allemaal mensen die de liefde niet kennen of zich van haar hebben afgekeerd. Uit gekwetstheid, woede of aards winstbejag.
Ik verwissel de woorden van Johannes: “ Iedereen die liefheeft is een kind van de Liefde, en kent de Liefde. Maar de mens zonder liefde kent de Liefde niet”. Kennelijk zijn er altijd al mensen geweest die de Liefde niet kennen.

Onze grootste angst: afwezigheid van de Liefde
Vijanden zijn het omdat zij niet vanuit liefde handelen. Dat boezemt ons angst in.
De afwezigheid van de liefde is wat wij het meeste vrezen. Zolang wij de liefde kennen en ervaren of toch in ieder geval op haar verborgen aanwezigheid durven vertrouwen, gaat het ons goed. Maar zodra wij aan de trouw van de liefde twijfelen en haar afwezigheid vrezen, worden wij bevangen door angst. Soms zonder dat wij ons er van bewust zijn.

Vanuit angst voor afwijzing, of vanuit het gevoel ‘niet goed genoeg te zijn’ voor de liefde, zoeken we troost in verleidingen die ons een direct gevoel van succes garanderen. Sigaretten, drank, drugs, geweld of, vaak voorkomend onder alle leeftijden: een scherm.
De tv, computer, tablet of de telefoon: ze leiden ons af van wat er te voelen is aan onzekerheid, angst, verdriet en eenzaamheid. En belangrijker: ze wijzen ons nooit af en laten ons nooit in de steek.

Filmpjes kijken
Laat me u een persoonlijke anekdote vertellen.
Een week of twee geleden barstte mijn dochter vlak voor haar bedtijd in huilen uit. Zij had haar huiswerk niet klaar en wilde dat nog afmaken. Maar het was hoog tijd en ik hield haar voor dat ze eerder had moeten beginnen. Nu had ze de hele middag filmpjes zitten kijken op haar telefoon. Ik vond het een goed leermoment voor haar en gaf niet toe.

Het huilen had echter een verontrustende toon. Het klonk anders dan anders, u herkent dat misschien… ik vond mijn dochter, hoe zal ik het zeggen, bijna in paniek. Ze wist niet wat ze met zichzelf aan moest. Ze bleek te worstelen met haar eigen onmacht om de verleiding van haar telefoon te weerstaan. Ze wist wel dat er huiswerk gemaakt moest worden, maar had haar telefoon niet weg kunnen leggen. De onmacht was haar eigenlijk te groot, ze kon er niet mee uit de voeten. Zij kan geen nee zeggen tegen haar telefoon en ze haat zichzelf erom.

Dit is een klein maar glashelder voorbeeld van de tegenkracht van de Liefde… De verleiding van de bevrediging op de korte termijn. Het maakt dat zij zich onvrij en klein voelt en dat zij met tegenzin naar school gaat en de neiging krijgt om zich terug te trekken. Haar mobiel is als een duveltje op haar schouder die al haar aandacht opeist.
“En waar is die stomme engel dan..!” riep ze in volle verontwaardiging uit.

Weinig lawaai
Door die vraag voelde ik me nogal aangesproken. Ik ben haar moeder maar ook de enige uit ons gezin die naar de kerk gaat. Hier moest ik toch een zinnig antwoord op kunnen geven! Ik hoorde mezelf zeggen: “Die engel zit wel op je andere schouder, ze maakt alleen niet zoveel lawaai… Ze is er, en om dat te ervaren hoef je alleen maar je aandacht te verleggen naar je andere schouder.”

De liefde roept niet, belooft niets, dringt zich niet op. De Liefde vraagt geen offer, beperkt jou niet, maakt jou niet klein. De liefde bevrijdt, ontspant, geeft lucht en ruimte. Zij herstelt het contact met onszelf en de ander.
Wanneer wij met onze aandacht gevangen zitten in een verslaving. Hoeven wij slechts onze blik te verleggen. Haal je aandacht weg bij de verleiding en durf de schijnbare leegte in te kijken… Geloof erin, vertrouw erop, het bevrijdt je uit je machteloosheid en geeft je de gelegenheid om de liefde te ontdekken in een van haar ontelbare verschijningsvormen.

Zo je de liefde wil kennen
Ik wil afsluiten met een uitspraak van Kahlil Gibran
“En zo je de Liefde wil kennen, tracht dan geen raadselen op te lossen.
Zie liever om je heen en je zult haar zien spelen met je kinderen.
En kijk naar de hemel; je zult haar zien wandelen in de wolk, haar armen uitstrekkend in de bliksem en neerdalend in de regen. Je zult haar zien glimlachen in de bloemen en haar handen zien
oprijzen en wuiven in de bomen.”

Dat mysterie, die eeuwige liefde en schoonheid, dat noem ik geloof ik toch graag God.

– – – – – – –
Vieringteksten, context rond deze overweging (PDF)

Overwegingen 2017

Je glimlach bewaren

Je glimlach bewaren - omslag orde van dienst

In de doopviering van Yannic Omloo lezen we teksten uit ‘Een jihad van liefde’ van Mohammed El Bachiri naast vergelijkingen in het evangelie volgens Mattheus.

Je glimlach bewaren, de moed niet laten zakken en de menselijkheid van een ander herkennen.
Diana Vernooij plaatst teksten van Mohammed El Bachiri naast vergelijkingen van Jezus in Mattheus.
– – –
“Ik heb een vriend, die altijd erg overtuigd is van zijn standpunten en graag de discussie aangaat. Zijn kinderen hebben een cartoon in de w.c. opgehangen (overigens de beste plek voor dit soort grapjes) en daarop staat: “Met het ouder worden veranderen wel mijn standpunten maar niet het feit dat ik gelijk heb”. Mijn vriend moet gelukkig zelf grinniken om de cartoon, en dat relativeert zijn gelijkhebberij.

Gelijk en geluk sluiten elkaar uit
Ooit moet een mens de keuze maken tussen gelijk en geluk. Wil je gelijk hebben of gelukkig worden?
Het sluit elkaar namelijk uit. Mensen die gelijk willen krijgen eisen meer. Ze willen een bevestiging van de buitenwereld. Wat is er aan om gelijk te hebben als niemand dat weet? Gelijk willen hebben is verslavend en je krijgt er eigenlijk nooit genoeg van.

Gelukkige mensen interesseert het niet of ze gelijk hebben. Ze zijn op iets anders gericht, een andere kwaliteit van leven, iets als blij zijn met hoe de dingen zijn, dankbaar voor wat je geschonken is in dit leven. Gelukkig mensen nemen wat je gegeven is niet zomaar voor gegeven. Het léven is ons gegeven. Yannic is ons gegeven, ons eigen leven is ons gegeven. Laten we dankbaarheid daarvoor oproepen. We hebben al wat ons in de schoot valt juist gekregen omdat we op de schouders van onze voorgangers staan. Zij hebben gewerkt en gestreden om dingen voor elkaar te krijgen – wij mogen dat niet zomaar onverschillig terzijde schuiven als vanzelfsprekend. Chantal vertelde dat Martine en zij zich ervan bewust zijn, dat zij dank zij de generatie feministen voor hen, als lesbische vrouwen samen een gezin kunnen stichten en daarin geaccepteerd worden door de wereld om hen heen. Zij hebben geluk – ze worden niet verleid om steeds weer het gelijk te bewijzen dat het echt wel kan, goede moeders zijn, als lesbisch stel.

Bij het verhaal dat we lazen staan de gelijkhebbers tegenover de gelukszoekers. Jezus spreekt de mensen aan die het geluk najagen, hij zorgt voor zieken en inspireert de buitengeslotenen van de maatschappij. De hogepriesters jagen het gelijk na. “Wie mag nu eigenlijk spreken namens God? Dat zijn toch zeker wij, de hogepriesters, en niet die mafkees uit Nazareth?”

Actie-reactiespiraal van geweld
Dat gelijkhebberij dicht bij het actie-reactiespiraal van geweld staat zien we al in het verhaal. De wijnbouwers zijn gewetenloos, zij willen niets van hun winst afstaan aan degene die de wijngaard gesticht heeft. Ze vermoorden de dienaren en de zoon van de eigenaar om zich de wijngaard toe te eigenen. Puur onrecht. Het is een verháál dat Jezus vertelt en hij vraagt de hogepriesters wat zij denken dat de eigenaar van de wijngaard zal doen met de pachters. Die antwoorden dan dat hij de pachters een ellendige dood zal laten sterven en de wijngaard aan anderen zal geven.

Jezus geeft zelf geen antwoord op zijn eigen vraag. Verrassend genoeg draait hij het perspectief van het verhaal om. Het blijkt een gelijkenis te zijn. Het blijkt over de hogepriesters zelf te gaan die hem niet erkennen. Hij zegt dat het Koninkrijk Gods de hogepriesters zal worden ontnomen en aan anderen gegeven.  In dat perspectief hebben de hogepriesters dus zwaar geoordeeld over zichzelf. Dat zit ze absoluut niet lekker. En zij zinnen op een moment om Jezus te pakken te nemen. De hogepriesters die op hun gelijk gericht zijn, zitten gevangen in een spiraal van geweld, en zullen doorgaan tot het gaatje, totdat Jezus aan dat kruis zal hangen en sterft.

Het zit in ons allemaal, de neiging het gelijk willen hebben voor het gelukkig zijn te laten gaan. Soms moeten we strijden voor rechtvaardigheid, krijgen we het niet in de schoot geworpen. Des te hardnekkiger het onrecht is, des te meer ligt de gelijkhebberij op de loer. Het is een menselijk patroon, dat gelijk willen hebben. Als je dat patroon níet kunt relativeren, als je gelijk hebben tot de meest betekenisvolle actie van je leven maakt, dan val je uit de liefde en kom je onherroepelijk in een spiraal van het geweld terecht.

Chantal verwees naar de vrouwen die voor haar gestreden hebben voor rechten die nu vanzelfsprekend zijn. Ik heb in mijn jonge jaren zo’n strijd voor autonomie als vrouw gestreden waar ik ook uit de bocht schoot. Het was in mijn radicale jonge jaren, zo’n 35 jaar geleden, dat ik inzag hoe afhankelijk ik van mannen was opgevoed. Ik raakte ervan overtuigd dat alle mannen onderdrukkers waren van vrouwen. Ik kon mij pas vrij maken, dacht ik, als ik de relatie met mijn vriend zou beëindigen. Ik vond dat ik het gelijk aan mijn zijde had, dus mijn vriend moest wel mijn onderdrukker zijn die ik beter kwijt dan rijk kon zijn. Dat ik daarmee een zachtaardige man onrecht deed, liet ik toen niet echt tot mij doordringen.

Geloof kent weinig nuances
Sommige mensen gaan nog verder in hun gelijkhebberij. Ze willen rücksichtloos andere mensen hun waarheid opdringen en degenen die zich niet laten bekeren omleggen. Jihad wordt het nu genoemd, en vroeger: beeldenstorm, inquisitie: ketterverbranding, kruistocht. Geloof is helaas een al te mooi voertuig voor de gelijkhebbers. Geloof kent weinig nuances, en is maar al te goed te combineren met compromisloos leven. God staat aan onze kant, we hebben alle recht om ten strijde te trekken. Ik moet meteen aan Bob Dylan denken, protestzanger en winnaar van de Nobelprijs voor literatuur:

The First World War, boys
It came and it went
The reason for fighting
I never did get
But I learned to accept it
Accept it with pride
For you don’t count the dead
When God’s on your side.

Oftewel: je telt de doden niet als God aan je zijde staat.
Daarom is het nodig om er een ander compromisloos religieus leven tegenover te zetten, een andere jihad, een andere inspanning. Een jihad die jou juist op het moment dat een ander jouw leven verwoest, laat zeggen: “Niets rechtvaardigt haat, niets zal tot haat leiden.” Het is wat Mohammed El Bachiri doet. Altijd zal de liefde voor zijn vrouw, en de liefde die zij deelden het antwoord bepalen – en niet, nóóit de haat: “Liever sterven dan te haten!”, zegt hij.  Onrecht beantwoorden met liefdebetoon. Altijd.

Broertje of zusje van haat
Haat uit je hart bannen – nooit haat laten opkomen, nooit ook maar een broertje of zusje van haat laten opkomen: irritatie, woede, verontwaardiging. Nooit toestaan dat je dat gebeurt. En als het je toch gebeurt: het in liefde en zachtheid smoren én in relativering en humor. En ondertussen kritisch en radicaal blijven. Nee zeggen, het onrecht stoppen – zonder haat. Verder gaan vanuit het hart en de rede, met de liefde als onuitputtelijke grondstof.

De spiraal van geweld doorbreken, de actie-reactiepatronen van het geweld doorbreken, dat kan op vele onverwachte manieren. Jan, hier in De Duif, vertelde dat hij eens gebeld werd om een ruzie te sussen tussen 2 echtelieden. Als hij aankomt zijn zij aan het schreeuwen tegen elkaar en het huis is een bende van stukgegooid huisraad. Jan richt zich niet op de woorden, probeert niet partij te kiezen of tussen¬beide te komen maar pakt de stofzuiger en begint schoon te maken. Dat koelt de hele situatie af.

Haten en schreeuwen
Niemand zou het vreemd vinden als Mohammed El Bachiri zou haten en schreeuwen. Hij heeft recht van spreken en hij spreekt. Hij spreekt verpletterend en indrukwekkend. “Niets rechtvaardigt haat, niets zal tot haat leiden.” “De ware jihadist zoekt naar kennis, doet zijn best om anderen te ontmoeten, ook als die daar niet voor openstaan. De jihadist laat de moed niet zakken, hij bewaart de glimlach en erkent de menselijkheid van de ander.”

Dus laat de moed niet zakken. Laat ons die radicale jihadist van de liefde eer bewijzen.
Laten we onze liefde bewaren.
Bewaar je glimlach, Yannic, als de zeeën je soms te hoog gaan.
Bewaar je glimlach Martine en Chantal, als de wereld zich tegen jullie, lesbische moeders keert.
Bewaar je glimlach lieve mensen hier in de Duif, wat je ook overkomt. En erken altijd de menselijkheid van de ander.

 – – – – – – –

Alle teksten rond deze overweging (PDF)

Recensies Een jihad van liefde: ‘De leesclub van alles’; NRC

Overwegingen 2017

In opdracht van God…?

In opdracht van God...? Omslag orde van dienst

Johannes de Doper doopte mensen. Deed hij dat uit zichzelf of in opdracht van God? 

Johannes de Doper doopte mensen. Deed hij dat uit zichzelf of in opdracht van God?
Die vraag stelde Jezus aan de priesters en de leiders van het volk. Jeffrey Leander nam die vraag onder de loep..
– – –
“Ergens las ik dat iemand tijdens zijn studie een boekje schreef en waarvan hij achteraf vond dat het gelukkig nooit de drukpers heeft gehaald. De titel van dat boekje was ‘Zeker weten’. Hij vertelt verder dat wanneer hij nu het boekje teruglees, hij zichzelf nauwelijks meer in de auteur herkent van twintig jaar geleden. Van de stelligheid, waarmee hij toen met de Bijbel in de hand van alles beweerde, is weinig meer over. De Bijbel heeft hij nog steeds vast, maar hij is hem inmiddels totaal anders gaan lezen.

De Bijbel is Gods woord, dat is mij altijd geleerd. Maar steeds vaker realiseer ik me dat dit nog weinig zegt over hoe ik de verhalen en teksten zou moeten interpreteren. Neem nu het Oude Testament. Eigenlijk een bizarre verzameling van teksten. Wat moet ik met verhalen, die je doen gruwelen als je ze voor het eerst leest? Valt een genocide in opdracht van God wel te verklaren of goed te praten? Of: mag ik dit gegeven wel zomaar wegstoppen? Er niet meer over hebben. God is rechtvaardig. Dus het zal wel kloppen dat complete steden, inclusief kinderen, worden uitgemoord. Gelukkig lees ik elders in de Bijbel dat God liefde is.

Richard Rohr
Bij het voorbereiden van deze viering kwam ik op internet de naam Richard Rohr tegen. Deze Amerikaanse Franciscaner monnik heeft ooit beweerd dat het belangrijkste is dat je een mens bent die door de Geest geleid wordt. Hij gelooft dat de Bijbel het Woord van God is in de woorden van mensen. God vertrouwt de menswording. God laat ons God zien en gebruikt dat als zijn woord. Daarom, zegt Rohr, is de tekst zelf als drie stappen vooruit, en twee stappen achteruit. Je hebt het te pakken, je raakt het kwijt, je hebt het te pakken, je raakt het kwijt…

Het is, zoals we daarstraks zongen, alsof je als een blinde langs de muur tast en struikelt op klaarlichte dag. Ik weet niet hoe het u vergaat als u een tekst leest uit het Oude Testament, maar als ik weer een preekbeurt heb in de Duif en een tekst uit het oude testament volgens het leesrooster ter hand neem, een tekst waarin dingen gebeuren uit naam van God of omdat God dat zegt, dan rijst bij mij soms de volgende vraag op: hoe zit het met al dat geweld in deze tekst? Nog erger, mensen doen heden ten dage nog steeds vreselijke dingen uit naam van God.
In zo’n God wil je toch niet geloven? Rohr beweert dat als er in de Bijbel staat: ’…De Heer zegt…’ dan is het niet de Heer die dat zegt, maar de schrijvers van de Bijbel.
Dit is geheel in de lijn van de onlangs overleden spraakmakende theoloog Harry Kuitert die zegt dat al het spreken over boven van beneden komt. Je kunt van deze quote vinden wat je wilt, maar als je door de eeuwen heen kijkt naar gebeurtenissen die uit naam van God hebben plaatsgevonden, dan kan ik me wel indenken dat Kuitert tot deze oneliner is gekomen.

Projectie van eigen gedrag
Mensen projecteren hun eigen bewustzijn op God om hun eigen slechte gedrag te rechtvaardigen, zegt Rohr. Tijdens een van de Leerhuis avonden over Augustinus is dit thema uitgebreid aan bod gekomen. Overigens een aanradertje om die te bezoeken. Maar dit terzijde. Zojuist lazen we in Ezechiël dat de Heer tegen hem sprak: ’…en alleen de mensen die zondigen, zullen sterven…’
Als ik Rohrs bewering volg, dan is het niet de Heer die sprak, maar Ezechiël zelf die daarmee zijn betoog kracht bij wilde zetten. Ezechiël wilde via God beweren dat je mensen niet om hun ‘zijn’ moet veroordelen, dat is niet aan ons. Wat mij betreft is het betoog van Ezechiël een aansporing om meer bewust te zijn van ons eigen gedrag. Dan valt zo’n tekst nog mee en neem je het niet zomaar voor waar, maar probeer je te ontdekken wat ermee bedoeld wordt.

Schuldgevoel en vergeving
Tijdens de voorbespreking van deze dienst hebben we geprobeerd de twee lezingen van vandaag op deze manier te begrijpen. De thema’s schuldgevoel en vergeving kwamen aan de orde. Hoe ga je om met het feit dat je Nee tegen een ander zegt als deze iets van je wilt. En hoe ga je om met het feit dat die ander Nee tegen jou zegt als je iets van die ander wilt. De lezing van Matteüs laat zien dat Nee zeggen of Nee gezegd worden eigenlijk helemaal niet zo erg is. Als je handelt vanuit je hart, vanuit liefde dan hoeft een Nee niet onverbiddelijk te zijn, maar kan het ruimte bieden voor een volmondig Ja. Als je je laat leiden door je ego, zoals de priesters en de leiders van het volk in de lezing van Matteüs, dan ga je de boel verkeerd uitleggen. Het gaat erom dat de Geest die zich geopenbaard heeft in de figuur Jezus, die leidraad is voor ons horen van het Woord van God. Dus het belangrijkste is dat je een mens bent die door de Geest geleid wordt, dat je je overgeeft aan de Geest. En voor mij is de Geest parallel aan de Liefde. En dan kun je vertrouwen op wat je hoort. En God weet, ontdek je dat de stelligheid die van een Bijbeltekst afstraalt, niet zo stellig is als dat het er staat en zal het boek van het begin van deze overweging wellicht een andere titel krijgen dan Zeker Weten.

Zwartrijden
Als laatste wil ik de volgende belevenis met u delen. Op een middag wilden Bart-Jan en ik met de trein naar Amsterdam. We parkeerden de auto bij station Spaarnwoude in Haarlem. Net als we de brugtrap wilden opklimmen om naar het perron aan de overkant te komen, zagen we de trein al aankomen rijden. Met een snelheid van jonge triatlonsprinters, renden we de trap op om vervolgens aan de overkant weer naar beneden te snellen. Helaas was de trein reeds gearriveerd en stond deze op het punt zijn deuren weer te sluiten. We gaven de moed niet op, omdat we de conducteur nog op het perron zagen staan die het fluitje al naar zijn mond dirigeerde. Op dat moment zag hij ons met verbeten blikken de betonnen trap afrennen en wachtte met fluiten. Hij wenkte ons snel in te stappen en buiten adem stonden wij bij hem in de coupéhal. ‘Och jee, nu zijn we zwartrijders’ was het eerste wat Bart-Jan nog snakkend naar adem en met angst in zijn ogen kon uitbrengen. Want tijd om onze OV kaart te laten scannen hadden we niet. En als reactie van de conducteur, vergezeld met een vette knipoog kregen we terug: ‘Het is toch leuk om een keer zwartrijder te zijn.’
Over schuldgevoel en vergeving gesproken.

– – – – – – –

Alle teksten rond deze overweging (PDF)

Overwegingen 2017

‘De Avonden’

Op een regenachtige dag beland ik in een echte Amsterdamse kroeg in Amsterdam Oost met de illustere naam ‘De Avonden’. Natuurlijk hangt er aan de muur van het toilet een herinnering aan Gerard Reve’s beroemde boek. Let wel: op het toilet. Sommige mensen hebben Reve en zijn boeken daar bij leven al gewenst als vervanging voor toiletpapier. Maar dit is een voorblad van de VPRO gids, ingelijst en wel.

Huishoudelijke hulp
Het toilet is rijkelijk besproeid met chloor om het maar een hele dag én nacht fris te laten ruiken. Ik kom de deur uit en daar staat de huishoudelijke hulp die het allemaal zo schoon heeft gepoetst. Zij hijst zich in een oogverblindend blauwe poncho.
“Hé meid, neem toch een taxi”, zegt de barman gul, “Ik betaal!”
Ze zegt: “Ben je mal, iedereen moet gewoon fietsen door dit weer…”
Het antwoord is: ” Daar heb je ook weer gelijk in.”
Zo reutelen ze nog even zo door en intussen bestel ik een warme chocolademelk want het is guur en koud.

Reusachtig postuur
Bijna ongemerkt is er een in zich zelf mompelende man aan de bar komen zitten. Een vaste gast want de café latte staat zo klaar.
Opeens roept hij: “O daar heb je …!” De naam is niet te verstaan, maar degene die binnen komt is indrukwekkend. De aangekondigde persoon rommelt naar binnen. Hij heeft een reusachtig postuur en gaat vlak naast de in elkaar gedoken man zitten, waarbij de barkruk slechts één reusachtige bil draagt. De barman geeft de nieuwe gast onmiddellijk een kopje thee en zegt: “En zitten, hier!” op bevelende toon…

Doorzien
Ik ben benieuwd naar de geschiedenis van deze stamgasten met het café en met elkaar. Helaas moet ik naar mijn afspraak en maak de rest van de interactie niet mee. Ik begrijp nu waarom Simon Carmiggelt altijd in een café ging zitten voor zijn inspiratie voor Kronkels… Maar wellicht moet je dan in ‘de avonden’ langskomen om alles beter te doorzien.

Ds.Marina
marinaslot@kpnmail.nl