Berichten

Genieten

Wat kennen wij mensen toch veel verschillende soorten van genieten.

Op de markt, in het winkelcentrum en op elke plek waar veel mensen zijn, kijk ik mijn ogen uit. Als je in Hoorn naar het station loopt of op de loopbrug ( bij slecht weer) zit er vaak een oudere man met het uiterlijk van een zigeuner met grote vreugde accordeon te spelen. De mensen die er langs lopen, kunnen niet altijd de tijd nemen om te genieten van zijn mooie spel. Want te laat vertrokken, de trein moeten halen, een hoofd vol met werk dat er aan komt die dag, haastig en geen aandacht voor wat je tegen komt. Maar er blijven ook mensen staan. Ze luisteren en kijken naar de man, hij krijgt wat geld, een enkeling maakt een praatje. Ik bedank hem altijd, want ieder mens die muziek maakt in het openbaar, maakt mijn wereld mooier.

Brokjes voor de duiven
Dan op het perron zit er een jonge vrouw met haar broodje op de bank, ze eet zelf en geeft brokjes aan de duiven. Ze zegt: ik kan niet alleen eten en hen niks geven. Wij en nog een andere vrouw staan te genieten van dit mooie plaatje, want de duiven eten rustig uit haar hand.
Als je echt durft te kijken naar de wereld om je heen, zie je zoveel moois onderweg, dat genieten niet zo moeilijk is.

Gelegenheidskoor
In de kerk zijn we al weer bezig met de voorbereidingen voor de kerst, het gelegenheidskoor repeteert met veel enthousiasme en elan en de zangers genieten van de mooie klanken en het fijne zingen.
Iets moois instuderen is lekker voor je zelf en je doet er anderen een plezier mee.
Kijk eens om je heen en besluit om mee te doen met de goede dingen van het leven, dat brengt je bij genieten van het kleine, het bijzondere en daar wordt het donker in je leven een stukje lichter van. Zeker weten uit ervaring!

Ds.Marina
marinaslot@kpnmail.nl

Een Ode aan de mensen van de zorg

In deze dagen waarin de nieuwe regering zichzelf presenteert met haar plannen, rollen de miljarden over de tafel. Een ongemerkte gift van 2,1 miljard euro voor de zorg door de Tweede Kamer was al binnen, maar nu komt er nog meer. Hoeveel meer kunnen wij als ‘normale’ mensen bijna niet bevatten, want het gegoochel met cijfers is niet van de lucht.
Maar één ding weet ik wel, er moet geld bij en gauw ook.

Afhankelijk van alles en iedereen
Als dominee kom ik veel bij zieke en oudere mensen, mensen die afhankelijk zijn van alles en iedereen en ik zie hoe de mensen van de zorg hun uiterste best doen om hen te helpen.
Iedereen is gericht op de mensen en hun welzijn of ik nu in het Noorderlandhuis, het Nicolaas, Lindendael of in het ziekenhuis kom. Of ik nu mensen van de Thuiszorg, Buurtzorg of wijkverpleging zie en spreek, het belang van de cliënt/patiënt staat voorop. En ik heb gezien hoe ze soms moeten roeien met te korte riemen, met te weinig personeel, met gebrekkig middelen. Ik heb gezien hoe vrijwilligers steeds meer moeten doen om de mensen hun vertier en afleiding te geven. En hoe belangrijk het is er dat er vrijwilligers zijn die waken en zorgen voor terminale patiënten thuis.

Schaamte om wat niet meer kan
Ik zie hoe de mensen uit de zorg voor en achter de schermen ( want denk ook aan de keuken, de wasserij en linnenkamer) zich soms schamen over wat er niet meer kan. Over de strenge regels – op kantoor bedacht- zoals de kamer ontruimen binnen een week na overlijden. Soms is iemand nog niet eens begraven en dan moet er al met de geliefde spulletjes worden gesleept. En dan staat de kamer nog een heel weekend leeg, waarin toch niks gebeurt.

Buurtzorg
Er zijn natuurlijk al stemmen en organisaties die het anders doen en anders zouden willen, veel meer zeggenschap van de mensen die het werk doen, de professionals voor de menselijke maat van de dingen.
Met plezier en bewondering kijk ik naar Jos de Blok en de enthousiaste en kundige mensen van Buurtzorg. Want als voormalig manager in grote organisaties heb ik zelf op een gegeven moment ook ingezien dat je als manager de mensen die het werk doen, moet faciliteren zodat zij hun werk goed kunnen doen. En als dat besef door begint te dringen, zullen mensen in de zorg ook weer meer plezier in hun werk krijgen. Want wat heb ik een groot respect voor hen die alle werkdagen en vaak meer wijden aan de liefde in natura. Zij verdienen meer en beter van ons en onze samenleving én ze verdienen het grootste respect.

Ds.Marina
marinaslot@kpnmail.nl

De Hoge leraar

Ze was iets ouder dan haar eigen dochter nu, toen wij elkaar leerden kennen. Ik kreeg verkering met haar moeder en mocht meezorgen en meemoederen over twee jonge kinderen. Net van de universiteit af belandde ik in een gezin en dat was wennen. Want ik  was zelf redelijk opgevoed door ouders en oudere broer en zusters, maar om het zelf te doen, dat was nog een hele toer.
En nu staat ze daar: ze wordt geïnaugureerd als bijzonder hoogleraar, ze mag haar oratie houden om de stap te zetten naar het professoraat. Wat een bijzondere stap en wat zijn we allemaal trots op haar, haar moeder en vader, haar broer en ik ook.

De kunst van het lesgeven
Ze is helder, erudiet, kritisch, humoristisch en ze neemt ons allemaal mee in een ingewikkeld, wetenschappelijk verhaal. En  je hebt toch het idee dat je het snapt, dát is de kunst van het lesgeven die ze goed verstaat. Ik zie de spanning op haar gezicht als ze binnenkomt in de rij van hoogleraren in toga. Er zijn meer vrouwen bij dan in de tijd dat ik studeerde, maar nog niet zoveel als gewenst. Het zijn toch veel oudere grijze mannen. En dan ons meidje dat het gaat doen, die het gaat maken.

Als alles achter de rug is en haar dochter van 5 1/2 van de opvang komt en zich bij ons aansluit, wordt het vrolijk. Want wat kan je je goed verstoppen onder zo’n toga. Dat is het leukste spel van de dag. Zij is er aan gewend dat haar moeder ‘hoge leraar’ is en dat ze lesgeeft aan ‘grote kinderen’. Niet onder de indruk, vrij en speels racet ze door de gangen van de universiteit met haar vriendinnetje.

Identiteit
Wat zal er van haar worden, gaat ze hier ook in de toekomst komen met laptop en andere hulpmiddelen van deze tijd? Ze krijgt wel het goede voorbeeld, dat het heel gewoon is. En wat ook heel gewoon is, is dat alle kleuren, afkomsten en nationaliteiten daar rondwandelen. Hoezo Nederlanders en hun identiteit.

Daar  tussen al die jonge mensen is het heel gewoon dat je verschillend bent.

Ds.Marina
marinaslot@kpnmail.nl

Weemoed

Het loof valt af, de herfst is ingetreden,
weer tikken aan de vensters dikke droppen;
in brieven in vergeelde enveloppen
herlees je in een uur heel je verleden.

Je tijd verdoemd met lieve kleinigheden
wou je dat niemand aan je deur kwam kloppen;
je kunt je met zulk weer maar best verstoppen,
bij haardvuur peinzend, half in slaap gegleden.

Zo in mijn stoel verlies ik mij in dromen
van sprookjes uit de jaren die vervlogen,
terwijl de nevels het vertrek doorstromen;

dan hoor ik rokken, door de wind bewogen,
en zachte stappen in de kamer komen…
Weer voel ik koele handen op mijn ogen.

Mihai Emininescu (1850-1889) Vert. Jean Pierre Rawie

Binnendingen
In een vliegende storm – toch maar thuis gebleven – zit ik dit gedicht over te schrijven.
Al weer is het herfst en opeens zijn we naar binnen gedreven,  en dan ga je binnendingen doen. Zilver poetsen, meubels opwrijven, een boek lezen, oude spullen uitzoeken, herinneringen ophalen of  een nieuw recept uitproberen.
Met lichte weemoed zie ik de bladeren van onze bomen vallen, ze worden met grote snelheid door de steeg en op het terras geblazen.

De familie mus dient zich aan voor het eten, aanvankelijk hadden we in deze zomer zo ’n stuk of acht kleine musjes en nu is het een veelvoud. Een zwerm strijkt neer om de havermout op te pikken, maar ze zijn ook even zo snel weer weg.
Een enkeling waagt zich buiten over het pas herstelde dijkje voor ons huis met de hand aan muts of capuchon. De buurman zit of hangt op zijn zeilboot, bang voor schade door de storm. Het filmhuis doet goede zaken, want wat moet je anders met dit weer.

Code Oranje
Het geeft ook rust zo’n dag, even geen prikkels van buiten af. Het is Code Oranje en daar doe je niks aan. Je hoeft niet te kiezen en je mag mijmeren over de dingen van het leven, even stilgelegd. In onze Westerse gereguleerde samenleving wordt je niet zo vaak bepaald door dingen van buitenaf, het weer bijvoorbeeld. Dat is in andere delen van de wereld heel anders. Maar ook wij zullen moeten wennen aan dit soort invloeden op ons leven. Een man uit St Maarten zei: “Ik wil mijn leven weer terug”. Weemoed en heimwee naar een leven van comfort en luxe, leven en niet overleven zoals nu.
Hoe gaat dat er voor ons uitzien in de komende jaren, anders, dat is zeker. Laten we elkaar maar vasthouden en helpen als het anders wordt.

Ds.Marina
marinaslot@kpnmail.nl

Ik heb een droom

Wat wordt er toch veel gesproken over kerksluiting in Nederland, over de toekomst van de kerk of beter gezegd dat er geen toekomst is voor de kerk. De kerk is niet sexy, niet cool.
Gelukkig hoor ik ook dikwijls het tegengeluid dat meer gaat over geloof en dat dát nog lang niet uit de wereld is. Geloof in dat het beter kan gaan met de mensen, dat verschillen overbrugd kunnen worden, dat er mogelijkheden zijn om bij elkaar te komen en dat we met elkaar de angst voor de ander en het vreemde andere kunnen overwinnen.

Rijkdom
Ik ben in de gelukkige omstandigheid dat ik in mijn tijd als dominee geen kerken hoef te sluiten, we hebben de rijkdom van twee mooie gebouwen die centraal staan in onze dorpen.
Ik heb een droom over de kerk van de toekomst, dat is een plek waar je je kunt voeden en inspireren, er zijn  allerlei activiteiten op spiritueel gebied en om de gemeenschap te versterken. Kerkgemeenschappen vloeien op een organische manier in elkaar over, mensen zoeken zelf hun plek en komen samen, hebben wat voor elkaar over, praktisch en in geestelijke zin. Kerken blijven zo in het centrum van de gemeenschap, alleen misschien  op de lange duur niet meer op zondagmorgen.

Het kan zijn dat de zondagsvieringen afvallen in de toekomst, maar dat we door de week wel samen een vesper vieren, een viering houden in het verzorgingshuis, van een gezamenlijke maaltijd genieten, boeken lezen, over de bijbel praten gekoppeld aan ons dagelijks leven, dansen, naar films en theater kijken in de kerk. Of naar muziek luisteren, zingen en projecten opzetten om in het dorp, dichtbij én veraf hulp te bieden.
De soos heeft wekelijks haar middag in de kerk, koren kunnen er zingen, verenigingen bij elkaar komen, activiteiten van het dorp krijgen er hun plek.

Gevraagd en ongevraagd steun
En de dominee dan?, is ook een vraag: dominees zullen nodig blijven om dat proces van gemeenschapsvorming te begeleiden, ze zijn dienstbaar aan de gemeenschap in pastorale begeleiding van mensen in de belangrijke fasen van hun leven bij vreugde en verdriet, bij ziek en zeer en rouw en trouw. Dominees hebben de mogelijkheid om na te denken over het leven, over de christelijke en religieuze waarden als liefde en rechtvaardigheid, overgave en waarheid. Waarden die wij in de samenleving goed kunnen gebruiken en die een verbindend element kunnen vormen. Dominees zijn verbonden met groepen mensen, ze kennen hen en volgen ze in hun leven. Ze mogen gevraagd en ongevraagd steun en hulp bieden aan de mens die dat nodig heeft en dan maakt het niet uit of je ( nog) lid van een kerk bent.

Het vertalen van woorden uit de Bijbel zal inclusief gebeuren, praktisch en toegespitst op het leven. Misschien is er behoefte aan leren over dat mooie boek. Dan is er altijd iemand in de buurt  met de kennis die vertaald wordt in de gewone taal van mensen. Dat is mijn droom voor de toekomst en ik leef het eigenlijk al samen met de gemeenschappen van Hoogkarspel en Westwoud.

Wat heerlijk als je droom werkelijkheid mag worden.

Ds.Marina
marinaslot@kpnmail.nl

Maria

Op 15 augustus, op Maria Hemelvaart, lopen wij door een nat Utrecht naar het Catharijne Convent om de tentoonstelling over Maria de moeder van Jezus te bezoeken.

Voor een protestantse dominee blijkt het leven van Maria veel verrassingen op te leveren. Ik was altijd wel dol op Maria, maar wist er eigenlijk weinig van. Wij lazen thuis in ons gereformeerde gezin de Bijbel van kaft tot kaft en daarin werd Maria wel genoemd in de evangeliën, maar wij misten de overlevering van de katholieke traditie. Die informatie komt o.a. uit een apocrief (=verborgen)  boek, het  Proto-evangelie, en daarin wordt het leven, de afkomst  van Maria, haar moeder Anna en haar vader Joachim uitgebreid beschreven.

Prenten, schilderijen en beelden
Naast het zien van prachtige prenten, schilderijen en beelden van Maria, haar familie met name haar moeder Anna, is er veel te leren. Want er is ook een andere Drie-eenheid dan Vader , Zoon en Heilige Geest; een wat aardser geheel, en wel Anna te Drieën, grootmoeder Anna, moeder Maria en zoon Jezus. Ook dat was mij nog nooit verteld, ik kende wel de uitdrukking, maar wist niet wat het betekende.

Als een kind in een snoepwinkel heb ik het allemaal opgenomen, wat een rijkdom aan cultuur en wat een mooie vrouwelijke religieuze beelden waren daar te zien. Dat is toch weer iets wat ons protestanten allemaal onthouden is, mooie processies, vaandels en beelden en veel ‘toneel’. Als kind vond ik het wel fijn in de kerk, maar altijd erg saai. Alleen met het Heilig Avondmaal gingen de mensen de banken uit en werd er gelopen, maar wel met gezichten of er net iemand was overleden.

Muziek en theater
De blijdschap, muziek en een beetje theater mag wat mij betreft weer in de kerk. Daar is met de reformatie, die ook heel goede kanten heeft gehad, wel korte metten mee gemaakt. Maria leeft ook nog anders in mij. Eigenlijk had ik Maria moeten heten. In mijn familie komt de naam Maria veelvuldig voor. Alleen is het te danken aan onze huisarts die – toen ik een meisje bleek te zijn – een vrouwelijk alternatief bedacht voor de te vernoemen opa Marinus Cornelis Slot: Marina Cornelia.

Ik ben blij met mijn naam want ik ben een Marina avant la lettre, lang voordat Rocco Granata een hit maakte met het liedje ‘Marina’. Maar soms is het staan in een lange traditie ook wel mooi en de naam Maria heeft een speciale klank. Zij is het beeld van de vrouw in de kerk, de moederfiguur die zo dichtbij de mensen staat en veel voor mensen betekent.

Wees gegroet, Maria, ik heb opnieuw met jou kennis gemaakt, gij gezegende onder vrouwen.

Ds.Marina
marinaslot@kpnmail.nl

 

Op adem komen

Het hoge woord is er uit: ik ga volgend jaar met pensioen, bij dominees heet dat emeritaat, maar dat klinkt mij een beetje te deftig. Dat houd ik zo voor de officiële papieren want ik ga gewoon met pensioen. Na ruim 39 jaar betaald en onbetaald werken als directeur bij Streekcentrum en politie, trainer, manager bij de bus en woningcorporatie , verzorger van kinderen, voorganger in de Duif, commissaris van politie in het blauwe pak en dan 5 jaar dominee in de protestantse kerk ga ik recreëren.

Dat moeten mag eraf
In willekeurige volgorde van belangrijkheid ga ik een lekker dik boek achter elkaar uitlezen, tekenen en schilderen, van mijn vrouw genieten, samen naar musea en muziek, wandelen, reizen zonder gestoord te worden door het moeten.
Want nu doen we ook veel leuke dingen samen, maar er is toch altijd nog een overweging die af moet, een column moet worden geschreven, een afspraak voor huis- of ziekenbezoek moet worden gemaakt, een liturgie opgezet na overleg met deze en gene…
En ik doe het nog steeds met heel veel plezier. Maar dat moeten, dat mag er wel af.
Ik ben alleen heel benieuwd naar wat voor leven ik ga leiden. Wat ik nu echt leuk vind om te doen, want ik ken mijzelf vooral als werkend mens, altijd bezig, bedrijvig en in contact.

Nog één keer
Naar een eindpunt van werken toeleven en toegeven dat ik echt wil stoppen, dat alleen al geeft ontspanning, ik ben relaxter dan ooit. Dat is heerlijk…
Dat belooft veel voor mijn laatste jaar, ik ga nog een keer alle seizoenen meemaken in de kerk, de zomer, de herfst, de winter en de lente, nog een keer voorgaan op alle feest- en gedenkdagen, nog één keer een Startzondag organiseren…
En vooral ook een beetje rustig afbouwen want ik hoef niks meer waar te maken, naast al het werk dat ik gedaan heb, ben ik ook best wel een goede dominee geworden al zeg ik dat natuurlijk zelf en kunnen anderen daar heel anders over denken.

Ik stap uit een rijdende trein en zij gaan verder met een andere herder. Dat zal een vreemd gevoel geven, missen, verlies, afscheid, loslaten en ook vrijheid, ruimte, adem, lucht.
Nog één keer op zomervakantie en dan weer aan het werk, alles nog een keer, wel gek, hoor…

Ds.Marina
marinaslot@kpnmail.nl

Bo de Myttenaere: veelbelovend pianist

Bo de Myttenaere, pianist

Veelbelovend jonge pianist Bo de Myttenaere speelt vanaf zijn zevende met veel passie piano.

Bo de Myttenaere is geboren op 24 februari 2000 te Suwon (Zuidkorea). Vanaf zijn zevende speelt hij met veel passie piano. Momenteel heeft hij les van de Japanse pianolerares Mayumi Eguro.
Bo’s favoriete klassieke componisten zijn Chopin en Liszt, favoriete moderne componisten zijn Ludovico Einaudi, Philip Glass, Yann Tiersen en Yiruma. Bo speelt met veel gevoel en wil zijn publiek altijd ‘raken’ met zijn optreden.

Bo vervangt op zondag 28 mei as. de vaste pianiste van geloofsgemeenschap De Duif, Irina Ursu-Antonova, tijdens de doopviering van Seger Boersma, zoon van Holke Hans en Baudyn. Naast de koor- en samenzang speelt Bo ook: Minuet van Händel en Lieder ohne Worte op.30 no.6 van Mendelssohn.

Meer informatie over Bo is te vinden op bodemyttenaere.nl.

Voorganger in deze viering is Marina Slot.

Roze Duif

Er is geen kerk in Nederland waar liturgie zo democratisch is georganiseerd als bij De Duif in Amsterdam. De bezoekers van de vieringen kiezen elk jaar opnieuw een groep voorgangers. Ook kunnen zij meedoen aan de voor- en nabesprekingen van de diensten en aan het uitvoeren van bepaalde taken binnen de vieringen. Dit alles in een goed georganiseerd proces van vergaderingen en procedures. Uittocht sprak met twee van de Duif-voorgangers van dit jaar (1997 – red.): Marina Slot en Diana Vernooij. En vroeg hen in het voorbijgaan hoe roze De Duif werkelijk is. Is De Duif een homo-kerk?

Regelmatig trouwen er mensen in De Duif in een zogenaamde “verbondsviering”. Dat zijn voor een aanzienlijk deel homo’s en lesbische vrouwen die zelf ook in De Duif kerken. Betrokkenheid bij de gemeenschap is een voorwaarde. Hoewel, als het verlangen erg groot is en het verder nergens anders kan, dan zal De Duif geen “nee” zeggen.
Hoe komt De Duif aan die mooie roze tint, haar populariteit bij het homo/lesbisch volksdeel?

Een soort thuiskomst
Marina: “Dat zit ‘m in de grote openheid naar de mensen, naar alles wat er op en aan zit, alles dat ze meebrengen aan mooie en minder mooie dingen. Mensen worden met hun hele hebben en houwen geaccepteerd, dat voel je. Voor veel lesbische vrouwen en homo’s is de komst naar De Duif een soort thuiskomst. Niet iedereen blijft. Sommigen gebruiken het als een soort doorgangshuis. Maar wat ze er meemaken zijn vaak heel genezende ervaringen. Kort nadat ik in De Duif kwam zong ik in het koor mee in een verbondsviering van twee mannen. Dat was zo ontroerend, ik heb mijn ogen uit mijn kop gejankt van blijdschap, van emotie. Ik ril nog als ik er aan denk. Het was zo open, zo vanzelfsprekend, zo doodnormaal. Na alles wat ik in de kerk hieromtrent had meegemaakt was dit een bevrijdende verademing”.

“Het roze in De Duif heeft twee kanten.
De Duif is geen homo-kerk,
het is zelfs geen homo-vriendelijke kerk.
Wij vinden dat kerk zo moet zijn!
Een kerk behoort open te zijn
voor de hele diversiteit van mensen.”

Diana: “Vorig jaar leidde ik hier een dienst in het kader van de Gay Pride Dag. daar kwamen heel wat mensen op af. Het zorgde tegelijkertijd voor een flinke discussie (binnen de geloofsgemeenschap – red.): waarom een dienst voor een aparte groep? Iedereen is toch altijd welkom?
Ik heb tijdens die dienst betoogd dat het roze in De Duif twee kanten heeft. De Duif is geen homo-kerk, het is zelfs geen homo-vriendelijke kerk. Wij vinden dat kerk zo moet zijn! Een kerk behoort open te zijn voor de hele diversiteit van mensen.

Diverse club
“Het gaat om mezelf, het gaat om veel mensen in De Duif. We hebben een behoorlijk diverse club, niet alleen in homo en hetero: jong, oud, maatschappelijke achtergrond, inkomen, werk of geen werk. Aan de andere kant: het blijft een lastig onderwerp om over te praten. Op het moment dat wij gaan benoemen dat meer dan de helft van de voorgangers homo of lesbisch is, dan zegt iedereen “dat maakt toch niets uit”. Nee, dat maakt ook niets uit, maar tegelijkertijd maakt het ontzettend veel uit.”

Uit: Interview in het maandblad Uittocht / juni 1997 met Marina Slot en Diana Vernooij, beiden voorganger in ‘De Duif’